Inundatiekanaal in Tiel nu onderdeel van Unesco Werelderfgoed

Het inundatiekanaal verbindt aan de westkant van de stad de Waal met de Linge. Veel Tielenaren weten niet dat dit 3 kilometer lange kanaal met zijn beeldbepalende inlaatsluizen een onderdeel is van de Hollandse Waterlinie. De erkenning van Unesco van de Linie als Werelderfgoed zal de bekendheid van het inundatiekanaal een extra boost geven. Wellicht zult u er wanneer u er langs fiets of via een van de drie bruggen er over heen rijdt met andere ogen naar dit waterwerk kijken. Geïnteresseerden die alles van de linie willen weten en zien, zullen zeker ook naar Tiel komen. Dat is mooi meegenomen voor het toerisme naar onze regio. Wanneer we terugbladeren in de geschiedenis constateren we dat het kanaal nooit echt met resultaat in functie is geweest om bij te dragen aan de verdediging van West-Nederland.

Wat is de Nieuwe Hollandse Waterlinie?

De nieuwe Hollandse waterlinie was een militaire verdedigingslinie die van het eiland Pampus, via de Oostkant van Utrecht, Culemborg en Gorinchem naar de Biesbosch voerde. Langs die route staan nu nog steeds de forten, batterijen, vestingsteden en andere verdedigingswerken die het aanvallers moeilijk moesten maken om de provincies Noord- en Zuid-Holland en een groot deel van de provincie Utrecht in te nemen. Tussen de verdedigingswerken werd in tijden van gevaar een strook land van drie tot vijf kilometer breed gemiddeld 40 centimeter onder water gezet. De strook was te diep om door heen te rijden of te lopen en te ondiep om met boten over te steken. Om vanuit de forten en andere verdedigingswerken een vrij schietveld te hebben werden bij een aanval alle obstakels waaronder woonhuizen en boerderijen in brand gestoken. Die moesten dan ook geheel van hout gebouwd worden. Mensen die in de linie woonden werden als het ware geslachtofferd om het rijke westen van Nederland te beschermen. Het water werd aangevoerd via een ingewikkeld waterregelsysteem van bestaande waterlopen, waterkeringen, sluizen en waar speciaal gegraven aanvoerkanalen deel van uitmaakten.

Uitlaat aan de Lingedijk Wadenoijen

Het Tielse inundatiekanaal had tot taak om de Linge van voldoende water te voorzien om het deel van de linie van Leerdam tot Gorinchem onder water te zetten. In totaal bestaat de linie uit 45 forten, 6 vestingsteden en 2 kastelen. De linie is in totaal 85 kilometer lang.

Nu toeristische attractie

De vele verdedigingswerken langs de linie hebben tegenwoordig bijna allemaal een toeristische functie. Je vindt er blijvende en tijdelijke exposities en horeca. Soms kun je je er sportief uitleven en bijna allemaal zijn het oasis van rust en pareltjes op natuurgebied. Een paar zijn er vanwege de constante lage temperatuur in gebruik als wijnopslag enkele anderen als luxe winkel. In het weekeinde kan het bij veel forten flink druk zijn.

Niet ver van Tiel vind je Fort Hoofddijk op het universiteitsterrein De Uithof in Utrecht (botanische rotstuin), Fort Werk aan het Spoel in Culemborg (culturele ontmoetingsplek), Fort bij de Nieuwe Steeg ook wel Geofort genoemd in Herwijnen (interactief sciencecentrum en leuk voor kinderen), Ford Vuren (Vliegeniersmuseum), Fort Everdingen (bierbrouwerij), Slot Loevestein (kasteel, fort en museum). Ook de oude vestingsteden Gorinchem en Woudrichem zijn een bezoek meer dan waard. In Asperen vindt u bijzondere waaiersluizen. Die maken het mogelijk om de sluisdeuren tegen de waterdruk in met handkracht te openen of te sluiten. In Fort bij Vechten in Bunnik vindt u een uitgebreide permanente tentoonstelling over de Nieuwe Hollandse Waterlinie.

Werelderfgoed

In 2005 is de Waterlinie aangewezen als Nationaal Landschap. In 2009 werd de gehele linie een rijksmonument. Daarmee werden ook het inundatiekanaal bij Tiel met de sluizen en het aangrenzende landschap beschermd gebied.

Al in 1995 werd de linie door de Nederlandse rijksoverheid toegevoegd aan de voorlopige Werelderfgoedlijst. Ruim 25 jaar later heeft Unesco de linie een definitieve plaats op de werelderfgoedlijst toegekend. Dat gebeurde tijdens een congres in het Chinese Funzhou. In feite is de huidige erkenning een uitbreiding van de stelling van Amsterdam, een reeks van forten en andere verdedigingswerken rondom de hoofdstad. De stelling was al eerder op de werelderfgoedlijst opgenomen. Om voor de Hollandse waterlinie de erkenning te krijgen moest er flink wat achterstallig onderhoud uitgevoerd worden en wilde Unesco zeker gesteld zien dat het noodzakelijk onderhoud voor de toekomst gewaarborgd was. Nederland moest lang op de erkenning wachten maar het resultaat is wel dat de talrijke monumenten nu in een prima en voor bezoekers aantrekkelijke staat verkeren.

Inlaat aan Waalzijde Ophemertsedijk

Bij het verkrijgen van de erkenning heeft de in Tiel woonachtige Josan Meijers een belangrijk rol gespeeld. Zij was voorzitter van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, de liniecommissie. Die commissie bestaat uit gedeputeerden van vier provincies, de directeur van de rijksdienst voor Cultureel Erfgoed en de programmamanager van de linie (zeg maar directeur) en had als belangrijkste taak de linie in een zodanige staat te brengen dat erkenning als werelderfgoed mogelijk werd.

De geschiedenis van het inundatiekanaal

We sluiten dit artikel af met een bijdrage van de site ‘Mijn Gelderland’ over de geschiedenis van het inundatiekanaal van Tiel. Wij werden op deze bijdrage geattendeerd door Gepco de Kruijff van Holland Delta. Op de site van Mijn Gelderland vindt u meer bondige artikelen over de geschiedenis van Tiel. https://mijngelderland.nl/

In april 1870 werd het gemeentebestuur van Tiel benaderd met het plan om een inlaatsluis in Tiel te bouwen. De verhoogde stand van het Lingewater zou het mogelijk maken het gebied ten oosten van Asperen te inunderen (onder water laten lopen) als deel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.

In 1877 onteigende de overheid al grond van de gemeenten Wadenoyen en Zoelen. Een jaar later startten de werkzaamheden aan het kanaal. Er werden bruggen gebouwd bij de Ophemertsedijk, de Kruisstraat, de Oude Tielseweg en de Lingedijk.

Aan het front

Het inundatiekanaal in Tiel is door het Ministerie van Oorlog aangelegd ter verdediging van Holland. Het kanaal kon de rivier de Linge vanuit de Waal van voldoende water voorzien, zodat bij oorlogsdreiging de polders van de Culemborgerwaard en de Tielerwaard onder water gezet konden worden. Op 27 juli 1914, een maand na de moord op de Oostenrijkse troonopvolger, werden de eerste voorzorgsmaatregelen getroffen, ondanks de sterke neutraliteitspolitiek die Nederland voerde. Gedurende de hele Eerste Wereldoorlog is er een bewakingsdetachement bij het kanaal aanwezig geweest. Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog, op 10 mei 1940, vestigde een groep Nederlandse militairen zich achter het inundatiekanaal om het te verdedigen. Later staken ze het kanaal over en lagen ze in het Zandwijkseveld, ten noorden van Tiel.

Een statisch karakter

Het inundatiekanaal is een rijksmonument. In oktober 2000 werd de inlaat aan de Tielse kant van het kanaal verbeterd. De verontreinigde bodem is weggebaggerd en aan weerszijden zijn onderwaterbanketten (schuin aflopende ondiepe stroken) aangelegd, zodat er weer oeverplanten kunnen groeien. Het inundatiekanaal heeft zo zijn cultuurhistorische karakter van een strak, rechtlijnig watervoerend kanaal weer terug gekregen. Na het opschonen van het kanaal waren de waterstaatkundige kunstwerken aan de beurt. In 2012 zijn de sluizen, inlaten en bruggen gerestaureerd.

Zie ook: https://detielenaar.nl/openbare-ruimte/2017/04/inundatiekanaal-tiel-op-weg-naar-werelderfgoedlijst-unesco/daar vindt u ook een linkje naar een korte film over het inundatiekanaal bij Tiel. https://youtu.be/7Qn7k0ZGCwc

Klik op de foto voor een vergroting

Bij het maken van dit artikel gebruikten wij naast eigen ervaringskennis, brochures over de Nieuwe Hollandse Waterlinie en de bijdrage over de Nieuwe Hollandse Waterlinie op Wikipedia.

Comments
Loading...