DIALECT … Maorten Baordman

Door Huub van Heiningen op zondag 6 december 2015, geplaatst in Kunst & cultuur, Historie.

In 1835, toen het eerste nummer van de Geldersche Volksalmanak verscheen, landde daarnaast nog een ander fenomeen als een komeet in de literaire wereld van die tijd. Dat was Meister Maorten Baordman, die in dialect schreef en snel een brede lezerskring veroverde door zichzelf de hemel in te prijzen.

De Geldersche Volksalmanak was het geesteskind van de bekende predikant en filantroop Ottho Gerhard Heldring (1804-1876), de “vader van de inwendige zending”. De in Zevenaar geboren Heldring werd in 1827 bevestigd als predikant in Hemmen. Daar bleef hij tot kort voor zijn dood wonen.

Van Heldring is de uitspraak dat alcohol gevaarlijker is dan de cholera; hij was dan ook de grondlegger van de geheelonthoudersbeweging. Hij is bekend om zijn vele stichtelijke publicaties en vooral om de instituten voor opvang van ontspoorde jeugd, die hij in het leven riep. Er is veel meer informatie over hem te vinden via Google en in de biografische woordenboeken.

Zoals hij zich intens interesseerde voor al hun levensomstandigheden, had Heldring ook belangstelling voor de volkstaal – van de gewone mensen. Of dat zijn beweegreden was, dan wel of het ging om zijn almanak te “pushen” is niet duidelijk, maar feit is dat hij al in het eerste nummer in dialect ging schrijven onder het pseudoniem “Meister Maorten Baordman”.  Aanvankelijk gebruikte hij de “tongval van de Lymers” – zijn geboortestreek. Zonder echt ingrijpende aanpassingen werd het echter al vrij snel “Gelders dialect” of de “volkstaal van de Neder-Betuwe”, zoals die – althans in zijn visie – ook in Tiel gesproken werd.

Dat klopt niet helemaal en dr A.R.Hol laat Baardman dan ook links liggen als zij de auteurs bespreekt die in de 19e eeuws in Betuws dialect schreven. Heldring had ook in haar visie andere en veel belangrijker verdiensten. Maar ondertussen staat wel vast dat Baardman in zijn tijd veel gelezen werd en de goegemeente in zijn schrijfsels de volkstaal van de Neder-Betuwe meende te herkennen.

In de eerste Geldersche Volksalmanak voert Heldring zijn “Meister Maorten Baordman” ten tonele met een dun en nogal schlemielerig verhaaltje, wat doet vermoeden dat de auteur Shakespeare’s Getemde Feeks kende. De grote meester ontmoet boer Vink, die gebukt gaat onder een “huiskruis” – een razende, scheldende en tierende echtgenote. Daar weet Baardman wel raad op: hij overhandigt de boer zes fluitjes en adviseert om daarop, zodra zijn vrouw begint te tieren, net zo lang en zo hard te blazen totdat ze haar mond houdt. Het middel blijkt zeer effectief – er zijn weldra in het dorp geen vrouwen meer die haar man de huid vol schelden.

Meester Baardman zou waarschijnlijk snel vergeten zijn als de anonieme geestelijke vader geen literaire kunstgreep had toegepast. Hij schreef anoniem een reactie op het verhaal, waarin de schrijver vertelt de fluitjes ook gebruikt te hebben en de ervaringen daarmee opgedaan openbaart. De fluitjes zijn in korte tijd zo razend populair geworden, dat ze in alle grote steden in de winkels hangen en begonnen is met de bouw van een nieuwe fluitjesfabriek. In Amsterdam heeft de briefschrijver ook al het portret van Maarten Baardman in een van de grootste winkels van de stad zien hangen.

Allemaal fantasie uiteraard. De auteur plaatste de brief niet alleen in de tweede uitgave van zijn almanak – hij wist hem ook geplaatst te krijgen in de Arnhemsche Courant, het Algemeen Handelsblad, het Dagblad van ‘sGravenhage en de Leeuwarder Courant. Dat maakte de imaginaire meester (en de almanak) eensklaps populair.

Terwijl voor de lezers waarschijnlijk verborgen bleef wie achter het pseudoniem schuilging kregen de licht filosofische beschouwingen en merkwaardige ervaringen van Maarten Baardman – die ook het dialect soepel wist aan te passen – een vaste plaats in de almanak. Totdat die in 1850 een andere uitgever en redacteur kreeg en ook de volksfilosoof Baardman van het toneel verdween. Hij keerde in 1872, toen Heldring al stervende was, nog even terug met een oud verhaal over heksen, spoken en weerwolven – mogelijk om te onthullen wie de geestelijke vader van Maarten Baardman was geweest.

Het eerste stukje van Baardman, de ingezonden brief en nog twee andere stukjes van hem, zijn hier te lezen. Commentaar is welkom.

Comments
Loading...