Tentoonstelling Tiel tijdens de 2e wereldoorlog in het F&S museum (Deel 1)

Met bijzondere privécollectie van enthousiaste verzamelaar Maarten Meijer.

Van 1 juni tot en met 20 september 2020 is de tentoonstelling WO2Tiel te zien in het Flipje- en Streekmuseum in Tiel. Het is een bijzondere verzameling van objecten uit de privecollectie van Maarten Meijer, uit de gracht opgedoken oorlogsstukken van de BATO en schilderijen van Moos Cohen, een Joodse schilder geboren in Tiel in 1901 en vermoord in Auschwitz in 1942. We zochten meer achtergrondinformatie en spraken onder andere met de enthousiaste Maarten over zijn zeldzame objecten.


Vuilnisbelt
Maarten Meijer (1983) is geboren en getogen in Tiel. Hij woont er nog steeds en is van beroep milieudeskundige en bodemonderzoeker. In 1995 vond een klasgegnoot van de toen 12-jarige Maarten een aantal Duitse legerhelmen op het terrein van de voormalige vuilnisbelt van Tiel (het Vijverterrein). Maarten mocht er ook één hebben. En dat was het begin van een enorme verzameling materiaal én kennis van, uit en over de Tweede Wereldoorlog. Eerst nog in het algemeen, ongeveer 10 jaar geleden besloot hij zich toe te leggen op Tiel. “Mijn interesse en fascinatie kwam niet zomaar uit de lucht vallen”, vertelt Maarten, “mijn hele familie is geïnteresseerd in de Tweede Wereldoorlog. Mijn oma was dienstmeisje in Oosterbeek, zij maakte de Slag om Arnhem bewust mee. Mijn ene opa heeft gevochten op de Grebbeberg en mijn andere Opa moest voor de Arbeitseinsatz naar Duitsland.” (= Dwangarbeid vanaf mei 1943 voor alle mannen in door de nazi’s bezet gebied van 18 tot 35 jaar – red.)

Verzamelaars
In navolging van zijn familie én met de helm als eerste collectors-item raakte Maarten gefascineerd door de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. Hij steekt al zo’n 25 jaar al zijn vrije tijd in de Tweede Wereldoorlog. “Minimaal twee uur per dag”, zegt hij. Hij struint internet af, schrijft mensen aan, doet rondvraag, heeft contact met veteranen en zo verzamelt hij allerlei gegevens en adressen van plekken waar iets gebeurd is. Niet alleen over Tiel maar ook over de omgeving binnen een straal van 10 kilometer. Hij bezoekt beurzen en koopt items bij medeverzamelaars. Na 25 jaar actief te zijn is hij natuurlijk ook wel een bekende in het circuit, hij krijgt tips over Tiel van bevriende verzamelaars. “Mensen weten me inmiddels wel te vinden.”

Beurzen
Samen met drie andere verzamelaars bezoekt hij beurzen in heel Europa. “Het zijn drie vrienden van me, we hebben dezelfde interesse en ze komen van oorsprong ook uit Tiel. Één van hen woont nu in Groesbeek en verzamelt alles over de Tweede Wereldoorlog van zijn woonplaats, de andere twee verzamelen in het algemeen over de oorlog. Ongeveer één à twee keer per jaar bezoeken we een zogenaamde Militaria-beurs we zijn bijvoorbeeld in Frankrijk, Duitsland en België geweest”, aldus Maarten. Een militaria-beurs is een beurs waar goederen worden aangeboden voor verzamelaars van WO2-memorabilia, ze zijn alleen bedoeld voor historische of onderzoeks-doeleinden. Maarten noemt het een soort rommelmarkt met spullen uit de Tweede Wereldoorlog. “Je moet goed zoeken hoor, maar af en toe kom je toch wat tegen, en je kennis wordt er ook weer vergroot.”

Collectie
“Alles is uniek”, zegt Maarten over zijn collectie. Hij heeft ook bij ieder item een verhaal. Bijvoorbeeld over het toegangsbord voor Tiel. “Het bord heeft tijdens de oorlog aan het veer gestaan. Je ziet nog dat er ‘Gorinchem ist verboten’ op staat, Gorinchem is overgeschilderd en later is daar Tiel van gemaakt. Dat komt omdat de Duitse bezetting in Tiel eerst onder Gorinchem viel, zij zijn later pas een aparte Tielse eenheid geworden. In het wederopbouwhuis van de veerbaas is het bord gebruikt als kastplanken. Ik kreeg op een gegeven moment een tip dat er in dat huis nog planken uit de Tweede Wereldoorlog waren, ik heb ze opgehaald.” De woorden op het bord zijn deels ondersteboven, de planken zijn willekeurig voor de kast gebruikt. Maarten heeft dit zo in takt gelaten.

Waterkan
Hij is in het bezit van een grote rode waterkan. Die is gemaakt door de firma Kurz uit Tiel. Het bedrijf werd opgericht in 1896 en was een metaalverwerkingsbedrijf. In 1906 openden zij een tweede fabriek in Kleef. De kan is waarschijnlijk geproduceerd in Tiel want op de onderkant van de kan staat een stempel met C.K.& Co. Tiel. De kan was bestemd voor de Luft-waffe van het Duitse leger. Er is tot nu toe wereldwijd nog maar één exemplaar van zo’n kan bekend. Hij is opgedoken in Wit-Rusland. (C.K. = Coen Kurz. De firma Kurz bestaat nog steeds, in de jaren ’60 van de vorige eeuw schakelden zij volledig over op ambachtelijke productie van nostalgische tinnen voorwerpen als kruiken en kannen. In 1987 verhuisden zij naar Zeist. Het bedrijf is vanaf 1984 niet meer in bezit van de Tielse familie Kurz, de huidige naam is nog wel Kurz-Edeltin Het is mij niet bekend wanneer de vestiging in Kleef gesloten is en of deze ten tijde van de Tweede Wereldoorlog überhaupt nog in bedrijf was.)

Jasje van Sergeant der infanterie.
In een vitrine ligt een mooi jasje dat waarschijnlijk van een hoge pief in het leger geweest is. Het is gemaakt door de firma Boudewijn uit Tiel, gezien het originele label. “Het is van het Nederlandse leger uit de mei-dagen, dat weet ik 100% zeker”, zegt Maarten. “Maar het is niet een standaard leger-uniform, het is niet uitgereikt door defensie. Waarschijnlijk is het in opdracht gemaakt voor een welgestelde militair die uit Tiel of uit de omgeving kwam, het materiaal is van hoge kwaliteit.” Het item kwam ook weer in zijn bezit via een bevriende verzamelaar. Ik hoop dat er iemand is die mij meer over de opdrachtgever vertellen kan.”

Boudewijn

Tiel, 2 november 1962 Circus Tony Boltini. Rinus Boudewijn op de olifant ernaast loopt dompteur Alberto Althoff.

Vooral veel oudere Tielenaren kunnen zich Rinus Boudewijn (1917-1997), de maker van het jasje, nog wel herinneren. Hij had een bont- en lederwarenzaak aan het begin van de Weerstraat. Hij was ook kleermaker en maakte bijvoorbeeld uniformen voor bodes van het stadhuis en jassen voor de Tielse brandweer. Verder trad hij op als ‘The Great Rinaldo’, een artiest die met zijn duivendressuur landelijk indruk wist te maken. Hij trad met zijn act op in circussen, op TV, bij evenementen en feesten en was zelfs soms spreekstalmeester in de piste bijvoorbeeld bij het bekende circus Boltini en Holiday.

Zakboekje
De collectie van Maarten is omvangrijk. Foto’s, persoonsbewijzen, een poëziealbum (“het hoeft niet allemaal betrekking op de oorlog te hebben, het moet wel uit de oorlogsjaren stammen en uit Tiel komen”, aldus Maarten, bidprentjes van Tielse verzetslieden, te veel om op te noemen. Hij heeft een zakboekje van een Nederlandse SS-er, die in februari 1945 gewond geraakt is in Tiel. De oorspronkelijke eigenaar van het boekje was een 17-jarige jongen die zich vrijwillig gemeld had bij de SS. Hij raakte gewond door een granaatscherf, waarschijnlijk afgevuurd vanaf de al bevrijde overkant van de Waal. De scherf ging dwars door het boekje heen. Het gat is nog zichtbaar. Uit aantekeningen in zijn boekje blijkt dat de 17-jarige jongen naar Culemborg werd gebracht, hij werd verpleegd in het Elisabeth Weeshuis. Hij overleefde het wel, het laatste wat zijn zakboekje toont is een stempel van de Politieke Opsporingsdienst Salland, dit een de instantie die oorlogsmisdadigers moest ondervragen.

De Politieke Opsporingsdienst (POD) werd opgericht in februari 1945 en kreeg tot taak de opsporing van NSB’ers, van mensen die met de Duitsers hadden samengewerkt, van Nederlandse SS’ers en mensen die onderduikers en verzetsmensen hadden verraden. Zo’n 120.000 mensen werden opgepakt en opgesloten in dezelfde kampen als waarin de Duitsers eerder hun politieke tegenstanders gevangen hielden, in afwachting van de processen – red.)

Regionaal Archief
Maartens kennis over 1940-1945 is haast onuitputtelijk. “Ik vind heel veel informatie op internet. Je kunt ook bij archiefdiensten bestellen, ze sturen dan een kopie. Ik heb bijvoorbeeld uit het Bundesarchief in Freiburg een kopie van het ‘Kriegstagbuch’ mogen ontvangen van een Duitse eenheid die 14 maanden in Tiel gelegerd was. De eenheid heette ‘Schnelle Abteilung 511’ en hun doel was opleiden voor het Oostfront.” Verder zat hij dagenlang in het Regionaal Archief Rivierenland (RAR) in Tiel. “De meeste kennis haal ik uit het correspondentiearchief van de gemeente”, aldus Maarten.

Overige collectie
De tentoonstelling is aangevuld met items uit de Tweede Wereldoorlog die al in het bezit waren van het Streekmuseum, zoals een helm van BAB (Bureau aan- & afvoer Burgerbevolking, verantwoordelijk voor de evacuatie en terugkeer van de Tielse bewoners in de laatste maanden van de oorlog en na de bevrijding – red.). Maar bijvoorbeeld ook een originele collectebus waarmee door leden van NSB gecollecteerd werd.

Verder heeft de familie Van Dijkhuizen haar privécollectie uitgeleend speciaal voor deze tijdelijke tentoonstelling, dit bevindt zich in een aparte vitrine en heeft ook de BATO haar vondsten die betrekking hebben op de Tweede Wereldoorlog uitgeleend.

 

BATO

Tiel, 2 Juli 2007 Enkele vondsten bij het uitbaggeren van de stadsgracht

De Beoefenaars Archeologie Tiel en Omstreken, kortweg de BATO, maakte een selectie van objecten uit hun voorraad, die gerelateerd zijn aan de Tweede Wereldoorlog. Ze zijn verkregen na baggerwerkzaamheden in de stadsgracht in 2006/2007. In de sliblaag werden bommen aangetroffen maar ook granaten en legerhelmen. In de vitrine met BATO-items ligt een foto van een aantal handvuurwapens, deze kwamen uit de gracht. Er werd onder andere een ‘Luger’ opgevist dat is een Duits pistool uit de Tweede Wereldoorlog. Gezien de Vuurwapenwetgeving moesten de wapens vernietigd worden door het Explosieven Opruimings Commando. Ze konden niet bewaard blijven als archeologische vondst. In totaal heeft de BATO sinds 2006 20 dozen met materiaal uit de stadsgracht in haar depot, de vondsten stammen uit diverse tijden, niet alleen uit de oorlog.

Bezoek
Een greep uit de collectie schilderijen van de Joodse Schilder Moos Cohen maakt de bijzondere tentoonstelling compleet, mede omdat er stukken bij zitten die in bruikleen zijn van het Joods Historisch Museum te Amsterdam. In een apart artikel besteden we hier meer aandacht aan:  https://detielenaar.nl/nieuws/2020/06/tentoonstelling-tiel-tijdens-de-2e-wereldoorlog-in-het-fs-museum-deel-2/
De tentoonstelling is geopend op 2 juni jl. en te zien tot en met 20 september as. Door de corona-crisis is er alleen toegang tot het museum via telefonisch reservering, zij werken met tijdblokken tussen 13.30 en 16.30 uur in de middagen. Meer informatie treft u op de website van het museum (www.streekmuseumtiel.nl), of telefonisch bij het museum op nummer: 0344-614416.
Als u meer wilt weten over de privé-collectie van Maarten Meijer dan is een bezoekje aan zijn facebook-pagina de moeite waard (zoekterm: Tiel in de oorlog), zie ook zijn website: www.tielindeoorlog.nl.
Tenslotte hoopt Maarten dat een deel van zijn collectie in het museum tentoongesteld kan blijven. “Ik heb niet zoveel ruimte thuis,” vertelt hij.

Enkele foto’s van de expositie (klik op de foto voor een grote foto:

Comments
Loading...