De laatste maanden van de tweede wereldoorlog in Tiel: deel 22

Tekening van Wim Daalderop. collectie Regionaal Archief Rivierenland

Deel 22 van de serie 75 jaar geleden: periode 1-5 mei 1945

In de periode van een tot vijf mei loopt de Tweede Wereldoorlog in Europa steeds sneller naar zijn einde. Het Duitse leger heeft gebrek aan materiaal en munitie en verliest in een steeds sneller tempo terrein. In het verre Oosten is de bondgenoot van Duitsland, Japan, al maanden aan de verliezende hand. Maar van opgeven willen de Jappen nog niet weten. Ook in Nederland maken de geallieerden snelle vorderingen. Het feit dat geallieerden toestemming krijgen om niet alleen in Noord- en Zuid-Holland voedsel te droppen, maar ook via de weg voedsel via bezet gebied aan te voeren spreekt boekdelen.

Ondertussen leeft het nog bezette deel van het Rivierengebied tussen hoop en vrees. Het einde van de bezetting kan ieder moment een feit zijn, maar men ziet alleen maar Duitse soldaten, die zich in de eerste meidagen weinig anders dan men gewend is, gedragen. Ze hebben de macht nog stevig in handen. Op 4 mei worden de geruchten dat de oorlog de volgende dag voorbij zal zijn steeds sterker. Op radio Oranje wordt gemeld dat de capitulatie een feit is en de oorlog de volgende dag om 8 uur ’s ochtends zal eindigen.

Op dinsdag 1 mei, de dag van de arbeid, is het bijzonder onaangenaam weer. Er zijn hagelbuien en het is koud. In enkele dorpen rond Tiel wordt springladingen in de kerktorens verwijderd. In Wadenoijen daarentegen bouwen de Duitsers nieuwe stellingen. In de omgeving van Tiel kun je horen dat er rond de Grebbeberg hevig gevochten wordt.

Het bericht dat Duitsland niet capituleert maar in ieder geval tegen Rusland door wil vechten bereikt op 2 mei ook Tiel. Donitz, de door Hitler aangewezen Nieuwe Führer, heeft de leiding in Duitsland daadwerkelijk op zich genomen.

Op 4 mei worden er nog steeds mensen gevorderd om voor de Duitsers te werken. Later op de dag komen veel Duitsers naar Zoelen om hun wapens in te leveren. Het besef dringt door dat de oorlog verloren is en dat er geen mogelijkheid meer is om vanuit het Rivierengebied Duitsland te bereiken.

Door het aanbrengen van schotbalken wordt het verder instromen van Waalwater naar de Linge tot stoppen gebracht en wijkt het overstromingsgevaar. Om de Betuwe onder water te kunnen zetten hadden de Duitsers die balken eerder weggehaald. Omdat de sluizen bij Asperen dichtgehouden werden, steeg het Linge water razendsnel en trad de rivier op een aantal plaatsen al buiten zijn oevers.

Jeugd van Kapel-Avezaath viert de bevrijding. Foto collectie RAR

In de loop van de middag wordt het gerucht dat de volgende morgen om acht uur de capitulatie formeel een feit zal zijn, steeds vaker verteld. In de dorpen rondom Tiel ontstaan spontaan feesten, hoewel er nog geen geallieerde soldaat valt te bekennen. Tielenaren die in de buurt van Tiel een evacuatieadres hebben gevonden proberen massaal de stad binnen te komen. Zij worden door de politie met hulp van Duitse soldaten tegengehouden en hardhandig de stad uitgejaagd. Het is te gevaarlijk. Veel gebouwen staan op instorten, op verschillende plaatsen liggen mijnen, er is geen leidingwater en veel huizen zijn onbewoonbaar of veranderd in puinhopen.

 

Op 5 mei staan bij de Hamsche Brug ’s morgens al vroeg weer Tielenaren die de stad in willen. Zij worden door de politie, daarbij geholpen door Duitse soldaten tegengehouden en teruggestuurd.

Burgemeester Beekman zorgt op 5 mei met zijn pamflet: “Nederland evacueert niet” opnieuw voor twijfel. Het valt wel op dat Beekman zijn Duitse uniform waar hij steeds zo trots in rond liep, verwisseld heeft voor een gewoon pak. Ook het feit dat de Duitse militairen Tielenaren sommeren vaderlandse vlaggen op de gebouwen van de fabrieken De Betuwe en Daalderop weg te halen, wakkert de twijfel over het einde van de oorlog aan.

Maar het blijken incidenten. Overal in de buurt van Tiel wordt gefeest en gevlagd. Enkele Tielenaren die toestemming hebben om in de stad te zijn, roeien de Waal over om daar te horen wat nu waar is. Zij komen behalve met sigaretten en chocolade ook met het bericht dat het echt waar is. We zijn vrij!

In Culemborg noteert Bernard Bruggeman, dat daar ook even twijfel was of er nu wel of geen vrede is. De ondergrondse komt bovengronds en pakt verschillende NSB-ers op. Even later worden de verzetsmannen door de Duitsers ontwapend. “De capitulatie is nog niet officieel”, zeggen ze. Het kan niet verhinderen dat later het feestgedruis toch los komt en de eerste moffenmeid kaal geschoren wordt. Een enorme oranjegolf komt op gang. Ook vanuit Ravenswaaij merkt Truus van Dee aanvankelijk weinig van de bevrijding. De Duitsers blijven gewoon op hun post. Vader van Dee gaat op vijf mei naar Tiel, maar moet nog net als altijd een Ausweis bij de Ortskommandant halen. Later op de dag barst ook in Ravenswaaij het feestgedruis los.

In Tiel daarentegen is er geen feest. Het is somberheid troef bij de weinige Tielenaren, die toch een kijkje in de stad kunnen nemen. Feijten noteert:

Wat een aanblik levert deze verzameling puinhopen. Zwermen kraaien vliegen op als een mensch verschijnt… Als het duister wordt en wij de stad nog eens doorkruisen, wordt de lugubere omgeving adembenemend. Een gevoel van misselijkheid overvalt ons. Tiel, de eeuwenoude stad ligt te zieltogen. De eerste indruk is, dat niets bij machte zal blijken de wederoprichting te kunnen bewerkstelligen…… Het zal nog wel even duren eer de terugkeer van de bevolking kan worden toegestaan. De vrijheid is er, de eerste Tommies zijn op de dijk gezien.”

Het is duidelijk dat voor Tiel de oorlog op 5 mei nog niet afgelopen was. De Tielenaren waren vrij, maar terugkeer naar de verwoeste stad was voorlopig nog niet mogelijk. Ook daarna zou het leven er nog lang heel anders uitzien ten opzichte van de situatie van voor de oorlog. Daarom zullen we de komen weken nog doorgaan met deze serie.

Overleden in mei 1945 als gevolg van de oorlog

Op 2 mei overleed in het kamp Stalag XB in Sandborstel te Nedersaksen Pieter Peterse. Pieter was 36 jaar en woonde in Tiel op het adres Kijkuit 60a. Pieter maakte deel uit van het Tielse verzet. Op 26 augustus vergaderden een vijftal leden van het Tiels verzet bij bakker Veenendaal in de Oude Medelsestraat in Tiel. Een van hen, een inwoner uit Arnhem, blijkt de bijeenkomst verraden te hebben en alle worden ingerekend. Later worden nog meer verzetstrijders, waaronder Pieter Peterse als gevolg van het verraad opgepakt. Blijdestein, van Hesteren, Laagwater en Veenendaal worden op 10 februari 1943 in kamp Amersfoort gefusilleerd. Peterse werd later overgebracht naar het concentratiekamp in Stalag. Hoe het hem precies vergaan is, is niet bekend. Maar wie de informatie over kamp Stalag op wikipedia leest, kan niet anders concluderen dan dat de periode voordat hij daar stierf weerzinwekkend moet zijn geweest. Pieter Peterse vond zijn laatste rustplaats op de begraafplaats van het Evangelisches Hospitals te Neuenkirchen. https://nl.wikipedia.org/wiki/Kamp_Sandborstel

2010

Albert van Duren was Jehova Getuige, woonde in Duur, een dorpje dat nu Den Nul heet en deel uitmaakt van de gemeente Olst-Wijhe. Albert was actief lid van Jehova Getuigen en werd op grond daarvan opgepakt en naar kamp Sachsenhausen bij Oranienburg gebracht. Hier werd hij vermoedelijk omdat hij zijn geloof formeel afzwoer op 9 mei 1942 vrijgelaten. Kort daarna pakte hij zijn zendingsactiviteiten weer op en kwam daarvoor in Tiel terecht. Hij woonde hier heimelijk bij de familie Van Meteren in de J.D. van Leeuwenstraat no 3. Daar werd hij verraden door de eigenaar en verhuurder van de woning. Hij overleed in Bergen Belsen in de maand mei waarschijnlijk aan de gevolgen van honger en tyfus. Op de website van de Oudheidkamer vindt u in het digitale archief een uitgebreide levensbeschrijving van Albert van Duren (De Nieuwe Kroniek, september 2013). Om de herinnering aan hem levend te houden is voor de woning waar hij woonde en opgepakt werd aan de J.D. van Leeuwenstraat op 7 april 2010 een zogenaamde Stolperstein gelegd. Albert van Duren was 32 jaar toen hij stierf.

Bart Brus werd in Wadenoijen geboren en woonde in Geldermalsen toen hij in augustus 1944 opgepakt werd voor het verbergen van onderduikers. Hij was ook betrokken bij het verzet in Geldermalsen. Via kamp Vught en Oranienburg kwam hij tegen het einde van de oorlog in het kamp te Bergen Belsen terecht. Hier stierf hij volgens een brief van het Rode Kruis tussen 5 april en 31 mei. Ook Lambertus zal door honger, uitputting en tyfus om het leven gekomen zijn. Het kamp in Bergen Belsen was in de laatste oorlogsweken overvol er heerste tyfus en gedetineerden kregen geen eten meer. Duizenden stierven in het kamp maar ook na de bevrijding waren honderden gevangenen zo ziek en zwak dat zij na de bevrijding niet meer gered konden worden. Bart Brus werd 36 jaar. Op de website http://www.oorlogsslachtofferswestbetuwe.nl/ vindt u meer informatie over Bart Brus waaronder een brief waarin een medegevangene zijn familie informeert over details van de onmenselijke reis die Bart moest maken van kamp Vught naar Oranienburg.

Geraadpleegde literatuur:

  • Website oorlogsslachtoffers Tiel en West Betuwe

  • C.D Feijten; Vijf jaren Leed in het land tusschen Maas en Rijn, uitgave A. van Loon, Tiel

  • J. van Alphen, Tussen Waal en Lek, 1939 – 1945

  • Irene Nieuwenhuijse; Tiel op de vlucht; Van Eck & Oosterink uitgevers

  • Houdt Goede Moed, Tiel tijdens de oorlog 40-45; dagboeken van drie tielenaren bewerkt door Rutger van de Zalm; Drukkerij Sint Maarten

  • Sil van Doornmalen; 40 -45 Rivierenland; Wbooks in samenwerking met Regionaal Archief Rivierenland

De tekening bij dit artikel is van Wim Daalderop en komt uit het boek Getekend door de oorlog, beschreven door dr. E. Smit en uitgegeven door het Regionaal Archief Rivierenland

Comments
Loading...