Nieuws

Door Huub van Heiningen op woensdag 24 juni 2015, geplaatst in Historie.

Wie ervan verzekerd wil zijn iets in de krant te krijgen moet “lekken”. Fluister de journalist iets in het oor of frommel hem iets in handen met de mededeling dat niemand te weten mag komen waar het nieuwtje vandaan komt. De journalist immers behoort zijn bron te beschermen en als hij weet dat die betrouwbaar is, geeft “de tip” hem het gevoel een interessante “primeur” in handen te hebben. Daarvoor wordt dan met liefde een plaatsje ingeruimd in de redactionele kolommen. De werkelijke nieuwswaarde legt dan niet zoveel gewicht meer in de schaal. Een journalist verliest immers niet graag een goede tipgever. Het is van alle tijden.

Mr. Dr. Andries A.H. Stolk, de tweede na-oorlogse burgemeester van Tiel, was in zijn jonge jaren via een stoomcursus opgeleid tot Nederlands-Indies bestuursambtenaar en kreeg daar in 1934 op 20-jarige leeftijd een baan als assistent-resident. De oorlog en Soekarno maakten daar een eind aan zodat Andries terugkeerde naar Nederland, lid werd van de PvdA en met ingang van 16 januari 1952 burgermeester van Oude Pekela. Per 16 januari 1957 werd hij burgermeester van Tiel, waar hij met zijn echtgenote de statige ambtswoning aan de Konijnenwal betrok, die kort tevoren door burgermeester Cambier van Nooten was ontruimd.

Burgemeester Stolk was veel afstandelijker dan zijn voorganger – een klassieke magistraat, zeer deskundig en gesteld op decorum. Geen man die gemakkelijk “zeg maar Andries” zou zeggen, maar vooral voor degenen die hem wat beter leerden kennen veel plooibaarder dan men van hem zou verwachten. Het was voor degenen die hij achter de facade toeliet, een alleraardigste man. Zoals dat in die tijd paste had zijn echtgenote van haar voorgangster de taak als voorzitster van de UVV – Unie van Vrouwelijke Vrijwilligsters – overgenomen. Als zodanig verzorgde zij de publiciteit van de vereniging en doordat ze ook overigens midden in het maatschappelijk leven stond, kwam ze nogal eens bij de redactie binnenlopen om de krant van nieuws te voorzien.

Het echtpaar had geen kinderen, maar de burgemeester had wel een hond. Een prachtige grote reu, waarmee hij vaak door de stad liep en die hij ook nogal eens meenam naar de vergaderingen van B&W. Op een maandagmorgen kwam de burgemeestersvrouw bij de redactie binnenlopen met een “denk erom, je hebt het niet van mij, maar de burgemeester was erg overstuur. Hij is met zijn hond naar een grote landelijke tentoonstelling geweest en heeft het dier daarvoor dagenlang geborsteld en gepoetst. Maar al bij de entree werd zijn hond afgekeurd – hij had maar één bal.” Testikel noemden we het netjes in het bericht dat verscheen enkele uren voor de B&W-vergadering, waarin de burgemeester ditmaal zonder zijn hond verscheen.

Toen hij na afloop daarvan toch wel eens wilde weten wie ons had geïnformeerd kreeg hij een dooddoener. “U zou eens moeten weten wat er via de persbureau’s allemaal bij ons binnenkomt. In een plattelandsgemeente als Tiel ontdekt menigeen, die Uw hond ziet dat het dier niet compleet is. Onbegrijpelijk dat niemand U daarop gewezen heeft”. Hij toverde zijn karakteristieke Mona Lisa-lach op zijn gezicht maar zijn ogen verraadden zijn gedachte “Jou krijg ik nog wel, maat”

Dit artikel werd eerder gepubliceerd op de Facebook pagina van Huub van Heiningen.

Comments
Loading...