Kolommetje: Friet

Ja, ik heb er wel eens friet gehaald, daar in het kot aan de Burense Poort. Maar dat was lang geleden, ik ben niet zo van de vette hap. En het publiek daar werd met de jaren steeds eigenaardiger, dus ik kwam er niet meer. Af en toe zei ik de uitbater nog wel gedag, ik kende hem immers van vroeger, toen hij nog jong genoeg was om met zijn toenmalige vriendin er lange nachten te maken, in de hoop op fortuin. Dat is maar deels waar geworden, vermoed ik, en de laatste jaren was hij er minder en minder te vinden. Henny Holle, de Tielse dakloze, veegde er regelmatig het terras. Met grote, schilderachtige halen. Hij viel er bijna van om, zo mooi kon hij vegen. Hoe goed Henny was met de bezem, kunt u nog steeds zien op Youtube, waar hij er gitaar op playbackt. Het was een mooie kerel, ik vertel nog wel eens over mijn avonturen met hem.  

Maar het kot is inmiddels verlaten, uitgeruimd, het terras verwijderd, de aangebouwde planken bergingen rotten zachtjes. Achter de wat ambachtelijk ogende façade, die vaag aan een skihut doet denken, staat een in de kern nog gaaf gebouwtje uit de jaren vijftig. Ooit gebouwd als VVV-kiosk, in een stijl die later de Delftse School is gaan heten. Elke stad krijgt op den duur wel een kenmerk, als ze maar hardnekkig genoeg is. Dat is ook Tiel gebeurd: de huizen uit de wederopbouwperiode vertonen strakke kenmerken volgens bouwhistorici. Het is meteen nagenoeg het enige dat je over de wat treurige binnenstad kunt opmerken, want in de afgelopen veertig jaar is hardnekkig geprobeerd hem nog lelijker te krijgen dan hij al was. Conservator Peter Schipper van het streekmuseum merkte in de krant ooit op dat er in de stad door het gemeentebestuur sinds de oorlog meer gesloopt en vernield was dan de oorlog zelf had veroorzaakt. Dat kwam hem op een uitbrander te staan van wethouder Gradisen, zoiets zeg je niet over je eigen broodheer, was de boodschap. Foei, in de hoek.

De immer strijdbare conservator dook onlangs weer op in mijn gezichtsveld: hij is met de groep Waardevol Tiel bezig het gebouwtje, eigendom van de gemeente, van de sloop te redden. Het moet wel eerst worden gerestaureerd, want uitgeleefd is nog een beschaafd woord voor de staat waarin het verkeert. Je kunt er fruit verkopen in het seizoen, kaartjes voor het corso, eigenlijk alles wat je in een kiosk kunt doen. Het is wel kaal trouwens, er zit geloof ik alleen stroom in. In de tijd dat het een VVV-huisje was moesten de vrijwilligers aan de overkant in hotel Telkamp naar de wc. Laten we hopen dat het behoud en de restauratie lukt, het is een beeldbepalend gebouwtje en officieel Delftse School.

zie ook:  http://detielenaar.nl/openbare-ruimte/straatbeeld-cafetaria-hasselmanple...